Yet-DTC
Yet-DTC
sluiten Nieuwsarchief

Sinterklaas ont(k)leden

Deze week de les Sinterklaas (uit: speel je wijs, Irma Smegen) gedaan met vier groepen 7/8. De kaartjes op gekleurde vellen gekopieerd en gelamineerd en in een klein doosje gestopt (Ikea). Lesopbouw: - decembermaand noemen we ook wel F….maand; welke feesten kennen we zoal? Waarom feesten we? Kort gesprek voorkennis ophalen met de kinderen.

- Het doosje als uitbeeldmateriaal. In de kring (klas) beeld uit wat in het doosje zit (nonverbaal). De anderen raden. Wie het goed heeft vervolgens de beurt. (bijv. Zwaar, licht, verassing, stinkt, beweeglijk…, ongeinteresseerd, afkeurend, …)

- In het doosje zitten vier kleuren kaartjes; wie iets doet (roze), wat er gebeurt (geel), met wie of wat (oranje) en een kenmerk (groen). In 2 tallen nemen de kinderen van iedere kleur een kaartje en maken een geode grammaticale zin met de woorden op de kaartjes.

- Dit doen ze 3 keer en schrijven deze 3 zinnen op. Vervolgens beelden de kinderen deze 3 zinnen achter elkaar uit als een stripverhaal. Dat kan in tableaus of in spel. Geef bij spel aan dat het zin 1, 2 en 3 is.

- Vraag de kinderen of zij herkennen wat uitgebeeld wordt. Stel ook kijkvragen als: waaraan zag je dat Sinterklaas uitgebeeld werd. Welke gezichtsuitdrukking beelde het kenmerk uit?

De leerkrachten herkenden meteen mogelijkheden met de spellingslessen. Spelenderwijs koppel je drama aan taal. Het doosje is ook als materiaal in de klas te gebruiken. Juist voor die kinderen die spelling moeilijk vinden.

Herken je de persoonsvorm? Het onderwerp? Het gezegde? Het bijvoeglijk naamwoord? Het werkwoord?
Vier takt toepassing door:
- Voorbewerken: beelden oproepen, feesten bespreken
- Semantiseren: uitleggen – uitbeelden - uitbreiden
- Consolideren: spelen van spel, opschrijven (inprenting)
- Controleren: schriftelijk / mondeling nagaan in hoeverre de kinderen de stof kennen.
Spelend wijzer en plezier en betrokkenheid gegarandeerd!